vo001

foto: Rijksmuseum Museum van Oudheden Leiden


Deze Romeinse ruiterhelm van verguld brons, werd gevonden tijdens het graven van de Put van Broekhoven. Hier werd zand gewonnen voor de aanleg van de A12. Hier werd toen ook een speerpunt uit de bronstijd gevonden.
Het oppervlak is versierd met opgesoldeerde banden die deels gepareld zijn, deels versierd met een motief van door punten gescheiden ruiten. Een driehoekige klep is aan de voorzijde aangesoldeerd en ten overvloede bevestigd met drie puntige knoppen, die door een wand heen aan de binnenzijde met plaatjes zijn vast geklonken. Op verscheidene plaatsen is het oppervlak versierd met een in lichte stippellijnen ingegraveerd ornament, deels van ranken en bladmotieven, deels van menselijke figuren. Aan de nekplaat is met 2 splitnagels een hengsel bevestigd waaraan de helm kan worden opgehangen. Aan de binnenzijde van de nekplaat zijn enige onleesbare graffitti ingekrast. De pluimhouder en wangkleppen zijn verdwenen.

vo002

foto: Rijksmuseum van Oudheden Leiden


De Put van Broekhoven werd gegraven om zand te winnen voor de A12. Hierbij werden een Romeinse ruiterhelm en deze bronzen speerpunt gevonden. Ze zijn nu te zien in het Rijksmuseum van Oudheden Leiden.
De speerpunt uit de bronstijd heeft twee lange groeven langs de schacht koker en een rechte bladbasis met hieraan twee oogjes. Hij is iets krom gebogen, de punt is er af en en zit een kleine beschadiging aan één kant.

Prehistorie  
Tijdens de bronstijd moeten er al mensen in Nieuwerbrug hebben rondgelopen. Het bewijs hiervoor is een speerpunt uit die tijd, die is gevonden tijdens het graven van de Put van Broekhoven. Deze speerpunt is nu te bewonderen in het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden.

vo002

Speerpunt uit de bronstijd.
collectie: Rijksmuseum voor oudheden Leiden
Romeinse tijd  
De noordgrens van het Romeinse rijk liep langs de Rijn. Dus door Nieuwerbrug. Resten van de grensweg, of Limes, zijn bij onderzoek teruggevonden.
Tijdens het graven van de Put van Broekhoven is een prachtige ruiterhelm gevonden. Deze is ook te bewonderen in het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden. Maar ook onofficiële vondsten, zoals een verzameling amfora, zijn bekend.
Tussen de twee castella (forten) van Woerden en Zwammerdam stonden wachttorens. Hiervan hebben er in ons dorp verschillende gestaan.
vo001
Romeinse ruiterhelm.
collectie: Rijksmuseum voor Oudheden Leiden
Middeleeuwen  
Vanaf de 10e eeuw werd de klei van Bekenes ontgonnen en vanaf de 11e eeuw ook de veenmoerassen, die later werden ingepolderd.
Een deel van dit ingepolderde landin Nieuwerbrug is aan de Johannieter orde
geschonken. Ze beheren dit vanaf het Hof te Waarder.
De Rijn was van groot belang voor transport van mensen en goederen, zeker nadat rond 1365 de beide Wierickes gegraven werden en er een verbinding met de Hollandse IJssel tot stand kwam. Waar de Dubbele Wiericke de Rijn instroomt, kon een nederzetting ontstaan zijn. Mogelijk is er toen een brug gesticht, een oude brug, later vervangen door een “nieuwer brugge”? Er was een kapel, waarschijnlijk gebouwd vanuit particulier initiatief, waarvan de grond na afbraak door niet-geestelijke, gereformeerde Kapelmeesters beheerd werd.
hof te waarder
Hof te Waarder op kaart uit 1670.
collectie: RHC Rijnstreek en Lopikerwaard
Tachtigjarige oorlog  
Tijdens de tachtigjarige oorlog was de stad Woerden in opstand tegen de Spaanse koning. De Spanjaarden wilden Woerden belegeren, maar kwamen niet in de buurt, omdat de polders rond de stad onder water waren gezet.
De Spanjaarden bouwden toen een aantal schansen langs wegen en rivieren, om te voorkomen dat de Woerdenaren aan voedsel konden komen. Eén van die Spaanse schansen kwam in Nieuwerbrug, waar de Dubbele Wiericke de Rijn in stroomt.
Uiteindelijk trokken de Spanjaarden zich terug. De Nieuwerbrugse schans zou 100 jaar later weer van pas komen.
spaanseschans
Nieuwerbrugse schans op detail van 'Het beleg van Woerden.'
collectie: Michiel van de Burgt
Een dorp onder vier gemeentes  
Nieuwerbrug ontstond rond een brug over de Rijn, op de hoek van de vier schoutambachten Bodegraven, Waarder, Barwoutswaarder en Rietveld. Omdat het dorp ver van de vier hoofdkernen af lag, beheerde de dorpsgemeenschap veel zelf. De school uit 1610, de brug, de brandweer en nog veel meer. Het gebied waarin de gemeenschap deze zaken regelde was de Brandschouwerij Nieuwerbrug. In dit gebied werd brand bestreden, maar ook voorkomen door het 'brandschouwen'.
Wanneer de stenen brug in zeer slechte staat is, moeten de Nieuwerbruggers hem vervangen of afbreken. Ze vervangen hem voor een houten wipbrug. Om die te bekostigen, mochten ze vanaf 1651 tol heffen. Het kwam dan ook goed uit dat in 1664 het Jaagpad werd aangelegd.
Hierdoor kwam handel en nijverheid in het dorp: een herberg 'Het Witte Paard', (later Het Grauwe Paard), ambachtslieden, kooplui molenaars en bakkers. 

brg009

De houten tolbrug in 1902.
collectie: Gijs Boer

Rampjaar 1672
 
In 1672 werd de Nederlandse republiek aangevallen door Frankrijk, Engeland, Keulen en munster. Om het Franse leger te stoppen, liet men de Hollandse Waterlinie onder lopen. In Nieuwerbrug werd de oude, Spaanse schans opgeknapt. Prins Willem III zelf streek hier neer en had zijn legerkamp op de plaats van het huidige Fort Wierickerschans.
Op de schans en in het kamp ontmoetten kopstukken uit de oorlog elkaar.
Helaas bevroor de Waterlinie, waardoor de Fransen om Nieuwerbrug heen konden trekken. Toen ze bij Zwammerdam niet verder konden, trokken ze terug. Hierbij werden alle gebouwen in Zwammerdam, Bodegraven en Nieuwerbrug verbrand.
Om dit nooit meer te laten gebeuren bouwde men het huidige Fort Wierickerschans aan de Enkele Wiericke. Aan de Dubbele Wiericke verrees Fort Nieuwerbrug, met Fort Pain et Vin aan de overkant van de Rijn.

weijpoort MvdB fortnieuwerbrug
Fort Pain et Vin (links) en Fort Nieuwerbrug (rechts) langs de Oude Rijn de Dubbele Wiericke. 1673
collectie: Michiel van de Burgt
Nieuwe tijd  
Door de goede verbinding over het water vestigden in de 19e eeuw een steenfabriek, houthandelaren en zagerijen zich in en nabij het dorp. Het vervoer ging niet meer alleen over water, maar ook per spoor. Een een treinhalte op de lijn Leiden-Utrecht droeg dan wel de naam Waarder, maar lag aan de Molendijk in Nieuwerbrug.
Bij de spoorbrug vond in 1902 een groot treinongeluk plaats. Foto's hiervan zijn toen  veel als ansichtkaarten verkocht.

sp010

Treinongeluk bij Wierickerbrug. 1902
collectie: Spoorwegmuseum

Eerste Wereldoorlog  
Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden er op Fort Wierickerschans Engelsen, Fransen en Duitsers geïnterneerd.
Ze verbleven in de opslagloodsen en werden bewaakt door maar liefst 180 man.
In het begin heerste er een streng regime, maar later werden de regels soepel. Het kruithuis werd gebruikt als kerk en voor recreatie. Er werd gevoetbald op het terreplein, gezwommen in de gracht er kwamen twee tennisbanen en men kon lezingen, toneel en muziekuitvoeringen bijwonen.
Wierickerschans 1915 rhc tunnel
Gevangen officieren in vluchttunnel onder Fort Wierickerschans.
Nieuwe blikvangers  
Om te vieren dat ons land honderd jaar vrij is, liet de Nieuwerbrugse ijsclubvereniging in 1914 de Onafhankelijkheidstoren bouwen. Deze is van de dorpelingen en wordt beheerd door de Bruggemeesters, de beheerders van de Tolbrug.
In 1917 lieten Nieuwerbrugse gereformeerden de Brugkerk bouwen. De eerste echte kerk in ons dorp.
Voor de aanleg van de A12 haalde men in de 30er jaren van de vorige eeuw zand uit de Put van Broekhoven. Hierdoor ontstond een heldere (zwem)plas.
onafhankelijkheidstoren
Onafhankelijkheidstoren zonder Brugkerk. collectie: RHC Rijnstreek en Lopikerwaard
Tweede Wereldoorlog  
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zaten de Duitsers in de school en op Fort Wierickerschans. Het verzet drukte krantjes op de zolder van het Brandspuithuis en raakte in vuurgevecht met de SS.
Schepen op de Rijn en wachthuisjes langs het spoor werden beschoten of gebombardeerd vanuit de lucht.
Lees meer >>

Duitse soldaten
Pier Kool met twee Duitse soldaten.
collectie: Arie van den Berg Mzn
Het “nieuwe” dorp  
Na 1945 werd er flink gebouwd in het dorp en kreeg het een echte kern. In het begin vooral voor Nieuwerbruggers en de inwoners van Rietveld, Barwoutswaarder en Waarder. Maar vanaf de zeventiger jaren van de vorige eeuw kwamen er ook mensen van buiten de directe omgeving. Na de gemeentelijke herindeling van 1964 viel bijna de hele Brandschouwerij Nieuwerbrug onder de gemeente Bodegraven. Een deel komt bij Woerden terecht, nu zelfs in een andere provincie. De inwoners blijven samen actief met een eigen dorpshuis, dorpsblad, school, kerken en verenigingen. Ook de dorpelingen die in een andere provincie zijn terecht gekomen.

Informatie en afbeeldingen van gebouwen

In Nieuwerbrug staan veel bijzondere gebouwen. Acht Rijksmonumenten en zes gemeentelijke monumenten. Dit zijn vooral boerderijen, maar bijvoorbeeld ook de unieke Onafhankelijkheidstoren, de Weijpoortse molen en natuurlijk Fort Wierickerschans.
Hieronder vindt u een overzicht van bijzondere gebouwen in ons dorp. Door op de foto te klikken, vindt u meer informatie over het gebouw.
De lijst bevat ook verdwenen gebouwen. Denk aan fort Nieuwerbrug, de Molkerschans of het Hof te Waarder.
In de loop der tijd zal deze lijst met gebouwen groeien.


RM = Rijksmonument, GM = Gemeentelijkmonument , V = Verdwenen

  Afbeelding Object jaar locatie
GM Barwoutswaarder85 2014
boerderij boerderij 1898 Barwoutswaarder 85
V ba003 rechtspraak Schots Varken   Barwoutswaarder
  brg010 brug Tolbrug 1990 Bruggemeestersstraat
    woonhuis Tolwachterswoning 1788 Bruggemeestersstraat 9
GM brg005 monument Onafhankelijkheidstoren 1913 Bruggemeestersstraat 11
  brg004 woonhuis Oude dokterswoning 1871 Bruggemeestersstraat 13
GM brg001 kerk Brugkerk 1914 Bruggemeestersstraat 14
RM Florisweg4 1989 boerderij Zomerlust 18e eeuw Graaf Florisweg 4
GM fl003 woonhuis Notabelenwoning 1890 Graaf Florisweg 7
V fl001      Brandspuithuis 1935 Graaf Florisweg
V fl004 school Oude School 17e eeuw Graaf Florisweg
V fl005 t kerk Kapel 14e eeuw Graaf Florisweg
GM Hoge Rijndijk8 MvdB 2013 woonhuis Woonhuis c.a 1700 Hoge Rijndijk 8
GM Buitenland MvdB 2011 boerderij Boerderij Buitenland 1880 Korte Waarder 19-21
V ko004d kasteen of buitenplaats Hof te Waarder 14e eeuw Korte Waarder
RM Rietveld129 Voorbreed GH 02 2010 boerderij Voorbreed 1620 Rietveld 128
RM Weijland9 VadersWens RCE 1967 boerderij Vaders Wens 1791 Weijland 9
RM Weijland20 Armengoed RCE 01 1974 boerderij Armengoed 19e eeuw Weijland 20
RM Weijland24 Johanneshoeve RCE 01 1977 boerderij Johannes Hoeve 1785 Weijland 24
RM Weijland26 Knodsenburg boerderij Knodsenburg 1588 Weijland 26

zaag1 industrie De Volharding   Weijland 38
V   verdedigingswerk Molkerschans 1672 Weijland
V ka003 d1 k verdedigingswerk Fort Pain et Vin 1673 Weijland
RM wp001 k molen Weijpoortse molen 1674 Weijpoort 25
V ka003 d3 verdedigingswerk Fort Nieuwerbrug 1575 Weijpoort
RM Wierickerschans 2005 lucht verdedigingswerk Fort Wierickerschans 1673 Zuidzijde 132

Lengte Leiden - Woerden: 32,3 km.
1878: aansluiting op de vrije baan van spoorlijn Utrecht - Rotterdam bij Woerden (km 17,400).
1889: aanleg derde spoor, aan noordzijde traject Gouda - Woerden, met aansluiting bij station Woerden.

Rb: 26 januari 1995

Door de aanleg van de spoorlijn Leiden Utrecht, werden een aantal boerderijen afgesneden van hun land. Men moest daarna met het vee over het spoor heen. Toen men dit niet meer toelaatbaar vond, heeft men besloten een aantal boerderijen aan de andere kant van het spoor te bouwen.
Eén van de nieuwe ontsluitingswegen naar de nieuw gebouwde en bestaande boerderijen werd haaks op de Molendijk aangelegd. Aan deze dwarsweg werd daarom de naam Molendijkerdwarsweg gegeven.

Buitenland MvdB 2011
Boerderij Buitenland, Korte Waarder 19-21. 2011

Jeanine Schreuders en Norbert van Doorn hebben de boerderij sinds hun komst in 2004 grotendeels gerestaureerd en in gebruik genomen als woonboerderij. De huisstal is getransformeerd tot eetlokaal, waar o.a. boerderijaanschuifdiners en diners en lunches voor besloten groepen worden georganiseerd. Ook het koetshuis en het zomerhuis , dat in zeer slechte staat was, zijn gerestaureerd. Bijzonder: Boerderij BuitenLand is tevens een officiële trouwlocatie van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk. Zie voor meer informatie www.boerderijbuitenland.nl.

Geschiedenis gebruik en bewoning.
De boerderij werd omstreeks 1870 gebouwd in opdracht van de familie Brunt, die in die tijd veel boerderijen en grond bezat in Nieuwerbrug. In 1920 werd het boerenbedrijf aangekocht door de familie Karens, die oorspronkelijk uit Zoeterwoude kwam. Er woonden vier generaties Karens: eerst grootvader Martien, vervolgens Cornelis Jakob en vervolgens Jan Karens met kinderen. De oorspronkelijke grootte van de melkveehouderij was ca. 18 ha. Er werd kaas gemaakt voor de Bodegraafse en Woerdense kaasmarkt en er werden ook varkens en kippen gehouden.
Na de landinrichting Driebruggen-noord verhuisde de familie Karens naar de Molendijkerdwarsweg, tussen de spoorlijn en de Rijksweg A12, waar inmiddels zoon Chiel de boerderij runt. Na de verhuizing van de familie Karens in 1994 werd de boerderij circa 8 jaar bewoond door huisarts Tichelaar, die met zijn gezin in het hoofdgebouw ging wonen en in het koetshuis zijn apotheekhoudende praktijk vestigde. In die tijd zijn veel van de modernere stallen en bijgebouwen gesloopt.  Na vertrek van  dokter Tichelaar is de praktijk overgenomen door huisarts Borreman en heeft het hoofdgebouw twee jaar leeg gestaan, die is toen aangekocht door de huidige bewoners.

Gebouw.
Deze boerderij is er een van het langhuistype. Het hoofdgebouw (winterhuis) op nummer 19 wordt aan de linkerkant geflankeerd door een koetshuis, op nummer 21. Rechts van het hoofdgebouw staat een gerestaureerd zomerhuis. De boerderij heeft een symmetrische voorgevel van vijf traveeën.
De toegangsdeur heeft een houten omlijsting met een kroonlijst, rustend op consoles en heeft gietijzeren sierpanelen. In de rechter  zijgevel bevindt zich de kaaskelder met opkamer. De gevels zijn van rode baksteen, in kruisverband gemetseld. De plinten zijn gepleisterd. De vier schuifvensters zijn voorzien van zonneblinden, zogenoemde persiennes. Boven de vensters zijn gemetselde segmentbogen aangebracht, met een versierde sluitsteen. Deze sluitstenen komen ook terug in het koetshuis en het zomerhuis. In het stalgedeelte van het hoofdgebouw en in de zijgevels van koetshuis en zomerhuis bevinden zich gietijzeren stalramen. Het zomerhuis heeft een roosvenster boven de twee schuiframen. Het hoofdgebouw heeft een rieten kap met kunstig gesneden makelaar en windveren. Windveren en makelaars komen ook terug in het zomerhuis en koetshuis. Er is een samenhang in de detaillering van de afzonderlijke gebouwen. Achter het koetshuis staat een hooiberg met drie ijzeren roeden.
Het geheel van gebouwen en erf is erkend als gemeentelijk monument, omdat sprake is van een karakteristiek en gaaf voorbeeld van regionale boerderij-architectuur met samenhang in de detaillering van de afzonderlijke gebouwen.

Tussen deze boerderij en die van nummer 17 bevindt zich een groenstrook met een historisch boomgaardje. Omstreeks 2007 is hier archeologisch onderzoek gedaan en is er een verharde laag aangetroffen. Hier zijn toen sporen van de Limes, de noordelijkste grens van het Romeinse Rijk gevonden.

Buitenland Bu 5

In vervlogen tijden

buitenland PvdB 01 2012 buitenland PvdB 02 2012

Trouwlocatie onder hooikap. 2012 Achtergevel huisstal. 2012

Buitenland Bu 02 Buitenland Bu 03

Aanschuifdiner

Buitenland Be 1968

Links tegen wagenschuur tijdelijke, houten woning van schooljuf. 1968 collectie Bekkering

Buitenland Bu 01 Buitenland Bu 04

Buitenland Ka buitenland logo

Wie het kleine niet eert...

Hoge Rijndijk8 MvdB 2013
Wie het kleine Hoge Rijndijk 8 is gemeentelijk monument. 2013

Dit lieflijke oude huisje met een rieten kap aan het begin van de Hoge Rijndijk met de naam “Wie het kleine niet eert…” lijkt op een boerderijtje, maar is altijd een woning geweest. Oudere Nieuwerbruggers kennen het waarschijnlijk als het huis van Jacob de Vos en Marrigje Kloosterziel die daar in de naast en achtergelegen schuren hun bedrijf hadden in brandstoffen, aardappelen en zaden. Sinds 2005 bestaat het uit twee woningen en draagt het voorhuis deze naam.

Geschiedenis gebruik en bewoning
Als stenen spreken kunnen zouden ze heel wat te vertellen hebben over deze plek, in ieder geval over bouwen, slopen en verbouwen. In 1713, drie eeuwen geleden, stond er hier al een “huysinge en erve” met bepalingen in de verkoop akte over het snoeien van takken en rapen van vruchten. De kopers waren schoolmeester en meester chirurgijn Guilliam van Spaar en zijn broer Hendrik, die schoenmaker was. Er mochten tevens volgens die akte op het erf “geene kuypen van schoenmaeckers” gezet worden. In 1730 was de koper een rietdekker, mogelijk woonden er in die tijd regelmatig ambachtslieden in het huis, of waren zij de huisbazen. In 1781 kocht Thomas Glas een huis met loods, toen hij het verkocht was het ingericht tot drie  woningen onder een kap. Dat bleef zo tot 1920, met toen ook op de zolders bedsteden en alkoven. Volgens de gegevens van het bevolkingsregister woonden er vanaf 1815 arbeiders en handwerkslieden, vooral klompenmakers(knechten).
In 1914 kocht schipper Jacobus Kloosterziel vijf arbeiderswoningen met loods en grond te Barwoutswaarder en Waarder. Het complex lag op de grens van die gemeenten. Het huis, met achterliggende drie huisjes lag in Barwoutswaarder, die huisjes werden in 1914 afgebroken en er werd een schuur gebouwd. Schepen met turven uit Drenthe of Vinkeveen konden zo vanuit de Rijn in de schuur lossen. De loods links lag in Waarder en werd in 1924 vervangen door een grote schuur. Jacobus en later zijn dochter Marrigje dreven er van toen af een handel in brandstoffen en zaden. Ze gebruikten een kruiwagen en later een bakfiets om overal te kunnen komen. Deze laatste heeft na een carrière in de oud papier actie voor de kerk een plek gevonden in het museum in Reeuwijk. In 1969 beëindigden Marrigje en haar man Jacob de Vos hun bedrijf. Een bergje steenkool ligt in 2014 als overblijfsel uit het verleden nog bij buurman Van Vliet op het erf.

Gebouw
Het huis is een gemeentelijk monument en karakteristiek voor de achttiende eeuw. Het stamt uit het einde van de achttiende en begin negentiende eeuw. In 2005 zijn de nabijgelegen geteerde schuren uit het begin van de twintigste eeuw gesloopt en zijn er daar drie nieuwe woningen, min of meer in de stijl van de oude loodsen, gebouwd. Het huis is tot twee appartementen verbouwd.
De gevels zijn uitgevoerd in verschillende soorten rode baksteen, met boerenvlechtwerk aan de voorkant. De schuiframen hebben roeden en luiken. Het rieten zadeldak heeft een wolfseind voor en achter. Rondom zijn er gestucte plinten, na de verbouwing is de linker zijgevel helemaal opnieuw gestuct en zijn de muurankers, naar zeggen uit zeventiende en achttiende eeuw, daar niet meer zichtbaar. In het voortuintje staat nog steeds een perenboom.

 

HoogeRijndijk8 GB 043Brandstoffenhandel De Vos
Collectie Gijs Boer

2000 HoogeRijndijk8 RCE 01

Houten droogloods naast de woning. 2000
Collectie Rijksdienst voor het cultureel Erfgoed

HogeRijndijk8 CB 2002

Voor de verbouwing. 2002
Collectie Cees Brouwer

HoogeRijndijk8 bakfiets

Bakfiets bij de houten schuur

HoogeRijndijk8 bakfiets museum

Bakfiets in de Oudheidkamer te reeuwijk. 2012

Tot zeker 1887 werd de Molendijk de 'Papendijk' genoemd.
De Molendijk lag vanouds in de gemeente Waarder. De dijk dankt zijn naam aan de poldermolen van de polder Westeinde van Waarder, die halverwege deze dijk heeft gestaan totdat hij in 1881 vervangen werd door het, inmiddels ook al verdwenen gemaal "Knijff" (gesloopt in 1976). In 1964 is bij de gemeentelijke herindeling de straat in de gemeente Bodegraven gekomen.

Weersverwachting
Nieuwerbrug
Weeronline.nl - Meer weer in Nieuwerbrug weeronline.nl Altijd jouw weer