NIEUWERBRUG
Theatermaker kan zijn geluk niet op: 'Veel verhalen hier'
Bert van den Hoogen
Waar komt toch die eigenzinnigheid, of vriendelijker gezegd de zelfredzaamheid, van Nieuwerbrug vandaan? Daarvoor kijkt theatermaker en hobbyhistoricus Michiel van de Burgt
verder terug dan de aanleg van de tolbrug en rampjaar 1672, om uiteindelijk de term Republiek aan de Rijn te verklaren.
Michiel hangt in de hal van het Wierickehuis net de laatste foto's op van een tentoonstelling over een treinramp in 1902. De foto's laten zien hoe groot de ravage was met een stoom-
locomotief naast de spoordijk en de verwoeste spoorbrug over de Wiericke, maar Michiel ziet een heel ander verhaal in de fotoserie. „Je ziet de hoge heren met de hoge hoeden en de werklui met de pet op. En je ziet het gewone volk vanuit de hele omgeving kwam kijken." „De oorzaak van het ongeluk was de spoorbrug die nog open stond. Toen de trein 's ochtends vroeg uit Bodegraven vertrok, werd naar de brugwachter hier gebeld om te zeggen dat de brug moest worden gesloten. Maar de brugwachter had zich verslapen en hoorde de telefoon niet. In Bodegraven gingen ze ervan uit dat de boodschap over was gekomen. Het was een draaibrug. De locomotief is zelfs over de opening geschoven en de wagon erachter kwam bovenop de opengedraaide brug te staan. Er is vervolgens iemand naar Woerden gelopen om daar te waarschuwen dat er geen trein meer kon vertrekken."
De oorzaak van de treinramp kan worden teruggeleid tot de bijzondere ligging van het dorp tussen Bodegraven en Woerden. „Nieuwerbrug ligt op een kruispunt van vier voormalige gemeenten: Bodegraven, Waarder, Barwoutswaarder en Rietveld.
Het lag dus op de randen van die gemeenten. Het was ver weg, waardoor ze alle vier niet veel naar Nieuwerbrug omkeken. Wat doe je dan? Dan regel je zelf je zaken."
De tolbrug is daar volgens hem ook een goed voorbeeld van. „Geen enkele gemeente wilde voor een brug betalen, dus betaalden de dorpelingen die zelf. Dat was ook zo met de brandweer, het ophalen van vuilnis en de bouw van de school en de kerk."
De onafhankelijkheidstoren is in 1914 gebouwd van het geld dat was opgehaald om te vieren dat Nederland honderd jaar onafhankelijk was van het Frankrijk van Napoleon. Het
uitbreken van de Eerste Wereldoorlog was reden om dat feest afte blazen. „De stenen voor die toren kwamen wel van de enige steenfabriek in het dorp."
Door de bijzondere ligging tussen Woerden en Bodegraven werd Nieuwerbrug in rampjaar 1672 onverwacht een barrière voor het oprukkende Franse leger. Michiel heeft er in 2002 de theatervoorstelling Wateren Vuur over gemaakt. „Nieuwerbrug lag in de Oude Hollandse Waterlinie, maar was daarin geen vestingstad. Woerden was dat wel. De verdediging bestond uit het laten onderlopen van polders, waardoor de legers er niet doorheen konden. Hier in Nieuwerbrug hoefde alleen maar de polder tussen de beide Wiericken onder water worden gezet, waardoor de schade voor de boeren beperkt bleef. Dus werden hier twee schansen gebouwd."
Nieuwerbrug bleek uiteindelijk toch het Franse leger niet te kunnen tegenhouden. „Maar we worden in de geschiedenisboeken wel genoemd in de rij van vestingsteden als Muiden, Schoonhoven en Gorinchem. En het Franse leger heeft hier over dat smalle weggetje gelopen. Ook Willem III, die later koning van Engeland werd. Ja, dat maakt me wel trots op Nieuwerbrug. "
Ook voor de medische zorg heeft de gemeenschap zelf een kruisgebouw opgericht. „Het schoolbestuur heeft ook een huis gebouwd voor de dokter. Toen de school leeg kwam te staan, zijn daar de verenigingen in getrokken. Het was dus de voorloper van dit Wierickehuis."
Ruig poldervolk
„Helemaal uit Friesland werd een verpleegkundige aangetrokken. Toen dat daar bekend werd, werd ze gewaarschuwd: maar dat is me een dorp! Zelfs in Friesland stonden de inwoners van Nieuwerbrug bekend als ruig poldervolk: boeren, jagers, paardenfokkers en dat soort buitenlui. Dat is deels nog steeds zo." Michiel vertelt de verhalen graag. „Als theatermaker moet ik het hebben van verhalen en die zijn er ontzettend veel in Nieuwerbrug. Ik vind het bijzonder dat hier de noordgrens van het Romeinse Rijk was. Hier hebben Romeinen gelopen! Dat weten veel mensen wel, Maar weet je ook dat hier een Johanniter ridderorde was gevestigd? Hun commanderij, het Hofvan Waarder, stond aan de weg richting de A12, net over het spoor. Je kunt de plek nog herkennen. De sloten zijn daar iets breder, want die vormden de gracht"
Gemeentelijk gezien is de situatie nu totaal anders. De dorpskern maakt tegenwoordig deel uit van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk, maar Rietveld en een deel van Barwoutswaarder behoren tot de gemeente Woerden. Dat ligt bij geboren Nieuwerbruggers nog altijd gevoelig. Het leidde onlangs nog tot een pijnlijke situatie. „Twee jaar geleden is de kozijnenfabriek afgebrand. Nieuwerbrug heeft nog altijd een eigen brandweerkorps. Maar die hoort tot de Veiligheidsregio Hollands Midden en de fabriek staat in de Veiligheidsregio Utrecht. Ze mochten dus niet naar die brand, terwijl het in hun eigen dorp was en ze de situatie het beste kenden."
Dat Nieuwerbruggers niet alles voor lief nemen wat er door de gemeente Bodegraven-Reeuwijk wordt bedacht, was al duidelijk bij de plannen voor het Wierickehuis. Maar ook het fietspad over het jaagpad langs de Rijn was niet naar de zin van bewoners van een rijtje woningen. „Ze vonden het maar niks dat er fietsers vlak langs hun woningen kwamen. Ze hebben toen zelf het pad aan twee kanten afgezet. Daarop kwam wethouder Koos Karssen kijken. Hij maakte toen de opmerking: 'Het lijkt hier wel een republiek.' Dat is een eigen leven gaan leiden waar-
door een groepje inwoners later borden heeft geplaatst: Republiek aan den Rijn. Overigens is dat fietspad bij die woningen wel afgesloten, dus die bewoners hebben hun zin gekregen."
Bron: AD Woerden 17 februari 2026
Drie generaties vakmanschap
NIEUWERBRUG AAN DEN RIJN - wat begon met een plukladder en twee sterke handen, groeide uit tot een bouwbedrijf dat miljoenenprojecten realiseert.
Met koffie en appeltaart op tafel en de vlag fier in top viert boer bouw dit jaar het 95-jarig bestaan. Directeur Floor Boer, derde generatie binnen het
familiebedrijf, kijkt samen met zijn vrouw Nisett de Wit terug op bijna een eeuw bouwen: over vakmanschap, kernwaarden die generaties overstijgen en een toekomst die nog altijd stevig in de steigers staat
95 jaar boer bouw: van plukladder tot miljoenenproject
door Peggy van Leeuwen
NIEUWERBRUG AAN DEN RIJN — Met koffie en appeltaart op tafel en eenfier wapperende vlag op de achtergrond wordt in het kantoorpand van boer bouw in Nieuwerbrug stil gestaan bij een bijzondere mijlpaal. Hetfamiliebedrijf bestaat 95 jaar. Directeur Floor Boer, derde generatie, blikt samen met zijn vrouw Nisott de Wit terug op de geschiedenis, de kernwaarden en de toekomst van het bedrijf.
De oorsprong van boer bouw (geschreven zonder hoofdletters) ligt in 1931 midden in crisistijd. "Opa Floor begon met 100 gulden, geleend van zijn moeder, in een gehuurd schuurtje in Nieuwerbrug." Een foto uit die tijd roept een bijzonder verhaal op. Opa maakte ladders en fietste daar aan het eind van de dag mee het dorp uit. "Als er niemand keek,verstopte hij die ladderin de slootkant en kwamzonder ladder terug. In het donker haalde hij de ladder weer op. Zo leek het alsof hij elke dag een ladder afleverde. Totdat de mensen dachten: die Floor
de Boer zal wel een goede timmerman zijn, daar ga ik ook eens wat bestellen."
GROEI EN TEGENSLAG
Al snel volgde uitbreiding. In archieven is een tekening uit 1931 te vinden van een werkplaats van zes bij twaalf meter. Een jaar later werd grond gekocht en een schuur gebouwd. In 1935 werd Floors vader Gijs geboren, gevolgd door nog vier kinderen. "In 1940, toen oom Piet werd geboren, was het oorlog." Die oorlogsjaren brachten zware tijden. Opa Floor baelandde vanwege tuberculose bijna twee jaar in een sanatorium. "Mijn vader vertelde dat opa terugkwam en aan de keukentafel zat te huilen. Hij vroeg zich af hoe hij ooit weer geld moest ver-
dienen voor het gezin."De motorfiets in de entree vertelt dat verhaal. "Er was geen geld. Opa ruilde die motor met een boer voor een zak aardappels." Jaren later dook de motor weer op en kreeg hij een ereplaats bij de entree van het kantoor, met daarboven een portret van opa, geschilderd door Nisett. Opvallend zijn ook de schilderijen van haar hand die in het pand hangen.
VOLGENDE GENERATIES
Na de oorlog groeide het bedrijf verder. Vader Gijs werkte eerst elders, maar stapte uiteindelijk in de zaak. "Overdag op de bouwplaats en 's avonds in de werkplaats," aldus Floor. Samen met zijn broer Piet vormde hij de tweede generatie. Piet op kantoor, Gijs buiten. Op een avond stond oom Piet voor de deur. "We heben iemand nodig op kantoor."
Op 23 oktober 1989 begon Floor bij het familiebedrijf, de derde generatie.
VAKMANSCHAP
Het 95-jarig jubileum en de historie van het bedrijf voelt als een verantwoordelijkheid, maar niet als een last. "Je voelt die verantwoordelijkheid wel, maar die drukt niet." zegt Floor. "Het mooie is dat je het met elkaar doet. En dat je met elkaar hele mooie dingen maakt." Floor spreekt met emotie over zijn opa, een echte ambachtsman, en zijn vader, die in 2020 overleed. "Hij was een vakman. Eén van zijn laatste projecten was een poppenhuis voor de kleinkinderen en een roefie voor een Friese zeilboot van zijn vriend. De jongens hier stonden altijd vol bewondering in de werkplaats te kijken en zeiden: dat is pas vakwerk."
Die bevlogen mentaliteit zit diep. "Mijn vader zei altijd: als je iets maakt dan vragen mensen daarnaar ze willen weten wie het gemaakt heeft, je naam hangt eraan." Dus vakmanschap en kwaliteit zijn onze kernwaarden. "Het is niet dat wij de beste zijn, want ook bij ons worden fouten gemaakt, maar die zijn er om op te lossen, we komen altijd onze afspraken na."
GELIJKWAARDIG
Boer bouw is een hecht bedrijf met 45 betrokken medewerkers. Lange dienstverbanden zijn geen uitzondering. Nisett de Wit is al ruim twintig jaar betrokken. "Bij boer bouw werken we op basis van gelijkwaardigheid. Niet zo'n baas die erboven staat. De ouders van Floor waren ook altijd al heel betrokken bij de mensen die hier werkten. Ik probeer daar ook wat aan bij te dragen. Mijn dagelijkse werk is kunstschilder, maar bij een geboorte, jubileum of bruiloft regelen we iets leuks. We zijn nu een teamdag aan het organiseren. Om zobetrokken te zijn bij het bedrijf is ontzettend leuk."
VOORUITKIJKEN
Van onderhoud tot projectontwikkeling, de brede aanpak is bewust. "Opa kocht al huisjes, knapte ze op en verkocht ze weer. Alleen de schaal is veranderd" lacht Floor, "Bij huidige projecten kan nu tussen aankoop en de eerste paal twintig jaar zitten. Dan moet je risico's inschatten." Regelgeving en duurzaamheid maken het niet eenvoudiger. "We lopen niet voorop," zegt Floor. "Houtbouw en circulair bouwen klinken prachtig, maar regels botsen ook. We slaan soms door in regelgeving. Spreiding is daarom belangrijk Is er minder nieuwbouw, dan is er meer onderhoud, dat werkt prima."
Na 95 jaar is de ambitie voor de toekomst helder. Floor: "Gewoon een stabiel bedrijf blijven waar iedereen met plezier werkt en waar we de vakkennis bij elkaar kunnen houden voor de toekomst."
Bron: Kijk op Bodegraven-Reeuwijk 11 februari 2026
NIEUWERBRUG
Volkszanger Hugo belandde door toeval op het podium
Bert van den Hoogen
Nieuwerbrug heeft een eigen volkszanger: Hugo Beijeman (51). Hij begon zijn carrière met het zingen van covers. Inmiddels heeft hij eigen liedjes die op regionale en nationale radio
worden gedraaid en regelt hij artiesten voor het muziekfeest op Koningsdag. Hij is nu klaar voor een nieuw avontuur.
Een muzikale opleiding heeft Hugo niet. Hij kan geen muzieknoot lezen en speelt geen instrument. Het lag ook niet voor de hand dat hij op een podium zou gaan staan om bekende meezingers te vertolken van onder anderen André Hazes, Koos Alberts en Frans Bauer. „Ik had een opleiding tot timmerman. Doordat mijn vader altijd had gewerkt in het grondverzet, ben ik eerst stratenmaker geworden en ben nu als zelfstandige werkzaam in de infra, weg en waterbouw. Ik heb er nooit bewust voor gekozen om op een podium te gaan zingen."
Zingen deed hij wel. Tijdens het werk en in De Musketier. „In dat café was wel eens karaoke en ik zong altijd mee met het laatste nummer. Alsik aan het werk was, zong ik met de radio mee. Die stond regelmatig op een zender met Nederlandstalige muziek. Daardoor kende ik al die teksten uit mijn hoofd."
Hij viel dertig jaar geleden op bij Peter Stapper die Café De Krom begon en nog een leuke openingsact zocht. „Ik ben toen bij die opening gaan zingen. Er stonden andere café-eigenaren en ondernemers. Die vroegen mij vervolgens voor hun cafés en bedrijfsfeesten. Ik ging ook bij voetbalverenigingen zingen."
Cassettebandjes
Hugo vertelt het alsof het vanzelf ging, maar hij moest zijn optredens helemaal zelf regelen, inclusief de muziek „We hebben het over dertig jaar geleden. Toen was ik uniek. Je had wel bandjes, maar alleen een zanger met een muziektape was er niet. De muziek haalde ik van cassettebandjes voor onder andere karaoke. Op één bandje stonden wel tien nummers, maar ik had alleen die ene bekende nodig. Dus moest ik uit al die cassettebandjes mijn eigen bandje samenstellen."
Podiumervaring had hij ook niet. „Ik was toen 21 jaar. De eerste twee jaar ging ik voor een optreden nog net niet trillend van huis. Maar door ervaring en doordat ik merkte dat het publiek het kon waarderen, kreeg ik meer zelfvertrouwen. Ik had op een gegeven moment ook mijn eigen geluidsman, toevallig mijn neef John.
Daar werk ik nog steeds mee." Toen was het genre van Nederlandstalige muziek nog niet zo populair als nu. André Hazes en Frans Bauer trokken wel grote zalen vol fans, maar dat was wat anders dan desmartlappen en levensliederen waar de tapes van Hugo vol mee stonden.„Toen had je nog geen après-skimuziek. Die feestmuziek bestaat eigenlijk uit de smartlappen en oude Nederlandse liedjes waar een flinke beat onder is gezet. Het zijn feesthits geworden.' '
Hugo ging daarin mee. De tapes die hij maakt, zijn geen zelfgeknutselde cassettebandjes meer en zijn repertoire bestaat uit meer dan covers. „Ik laat nu mijn tapes maken. Ik zing nog
steeds covers, maar dan zijn het meer feestnummers. Ik heb daarmee al een paar keer opgetreden in businesslounges bij FC Volendam. Ik heb nu ook eigen liedjes. Die worden onder meer gedraaid op radiozenders met veel Nederlandstalige muziek en op regionale zenders."
„Mijn eerste liedjes liet ik twintig jaar geleden schrijven. Het zijn remakes van liedjes uit het buitenland. Een van mijn liedjes heet Achter de wolken schijnt altijd de zon. Dat is een remake van een liedje van eenVlaamse artiest. Dat deed André Hazes ook. Die nam Franse of Italiaanse liedjes. Mijn eigen liedjes zijn ook feestnummers, die ik tussen de covers door zing."
Volgende fase
Ondertussen raakt hij steeds meer thuis in het wereldje van volks- en feestzangers. Bij de promo van een van zijn singels ontmoette hij in de radiostudio Hennie Tllijssen. „Hij was de winnaar van The Voice of Holland Senior én hij heeft liedjes voorAndré Hazes senior geschreven. Hij bood mij aan om een liedje voor mij te schrijven."
Het aanbod was voor Hugo aanleiding om als zanger een volgende fase in te gaan. „Ik noem mijzelf nu volks-feestzanger. Met Hennie Thijssen wil ik proberen een andere weg in te slaan. Het moet een persoonlijk lied worden. Ik heb al enkele gesprekken met hem gehad, zodat er een tekst komt waarin ik mijn eigen gevoel herken. Het moet ballad-achtige levenspop worden."
Nieuwerbrug heeft profijt van zijn netwerk in de muziekwereld. Sinds acht jaar organiseert hij samen met de Oranjevereniging op Koningsdag een muziekfeest. „Dat ontstond toen ik met Nanne Fioole op Koningsdag constateerde dat het feest na de Vrijmarkt 's ochtends doodbloedde. Er was niets voor volwassenen. Hij stelde voor dat we bekende artiesten zouden regelen."
Beijemans moest voor die gelegenheid de artiesten voor de line-up regelen. „We hebben al eens Sineke, Monique Smit en Bonnie St. Claire gehad. We maken het programma compleet met artiesten uit de regio en ik treed zelfook op. Het trekt altijd veel mensen uit Nieuwerbrug en de omgeving. Het betekent voor mij dat ik op deze dag wel twee of drie optredens mis, maar ik heb het er graag voor over."
Bron: AD Woerden 10 februari 2026
Nieuwerbrug
Met elkaar proberen we er wat moois van te maken hier.
Bert van den Hoogen
Nieuwerbrug heeft met het Wierickehuis een dorpshuis en verenigingsgebouw waar vergelijkbare dorpen jaloers op kunnen zijn.
Voor de verenigingen zijn er drie zalen en een koffiehoek en er is een feestlocatie voor gezelschappen tot 150 personen. Als inwoners en bestuursleden van verenigingen het over het Wie-
rickehuis hebben, valt in één adem de naam van beheerder Patrick Olsthoorn.
Olsthoorn woont in Bodegraven en zag 25 jaar geleden hoe inwoners van Nieuwerbrug voor het gemeentehuis op kwamen voor hun dorp. Dat was letterlijk met spandoeken. Het vorige
Wierickehuis was er ontzettend slecht aan toe. De gemeente had plannen om een nieuw centrum te laten bouwen en had daar al een ontwerp voor, maar de Nieuwerbruggers hadden hun eigen ontwerp. Ze kregen het voor elkaar dat dat er kwam." In 2001 is het nieuwe gebouw opgeleverd. Olsthoorn was er toen nog niet bij betrokken. In zijn jonge jaren kwam hij er sporadisch met een groepje vrienden, maar verder wist hij er weinig van. Hij had en heeft zijn eigen bedrijf, TAP Evenementen, waarmee hij op locatie feesten en partijen faciliteert.
Wie neemt de sleutel aan?
Hij weet wel hoe de oplevering en het beheer in het begin verliepen. „Dat was eigenlijk nogal vreemd. Toen de aannemer het wilde opleveren, stond hij met de sleutel klaar, maar er was niemand die die kon aannemen. Er was niet nagedacht wie hier de tent moest gaan draaien. Uiteindelijk heeft de gemeente de sleutel maar afgegeven bij het Evertshuis in Bodegraven. Daarmee was die beheerder ook de beheerder van het Wierickehuis."
De verenigingen in Nieuwerbrug wisten het Wierickehuis meteen te vinden. „De beheerder moest telkens de deur openen, want de verenigingen hadden geen sleutel. De beheerder wilde ervan af om telkens naar Nieuwerbrug te rijden. Hij woonde schuin tegenover mij. Hij zag mijn bus van TAP Evenementen en sprak me op straat aan. Ik kon in het Wierickehuis kantoorruimte en de keuken huren. Als ik er dan toch was, dan kon ik ook het beheer doen. Zo ben ik hier terechtgekomen."
Hij regelde dat de verenigingen een sleutel kregen. „Ik zorg ervoor dat de ruimten schoon en opgeruimd zijn, dat de koelkast is gevuld en dat de zaal warm is als die wordt gebruikt"
Door de contacten met de verenigingen raakte hij ingeburgerd. „Zelfs na twintig jaar blijf ik nog altijd iemand uit Bodegraven, want ik woon hier niet en dat ligt voor de geboren
Nieuwerbruggers gevoelig. Zeker toen ik nog jong was en hier weleens met vrienden kwam, kwam het regelmatig voor dat er een vechtpartij was tussen jongeren uit Nieuwerbrug en Woerden of Bodegraven.
Maar ik voel me wel geaccepteerd, hoor. Die tijd van vechtpartijen tussen dorpen is er ook niet meer." Na een paar jaar werd hij ook de exploitant van feestlocatie De Bourgondiër in het voorste deel van het gebouw. Sinds zeven jaar is er een duidelijke scheiding tussen het deel voor de verenigingen en De Bourgondiër. „Nu is er de Stichting Wierickehuis. Daarvan pacht ik De Bourgondiër en de keuken en ik heb er nog altijd mijn kantoor. De feestruimte is voor feesten en partijen voor dertig tot 150 personen, er is professioneel licht en geluid. Daarnaast heb ik twee foodtrucks, waarmee ik voornamelijk in de zomer op evenementen sta."
Hoewel er formeel een duidelijke scheiding is met de verenigingen, is er in de praktijk veel samenwerking. „Als er iets voor het hele dorp wordt georganiseerd, dan is dat automatisch bij het Wierickehuis. Ik ben er dan altijd wel bij betrokken. Ik kan zorgen voor de bar, regel extra personeel en faciliteer met mijn middelen waar dat nodig en mogelijk is. Ik zorg voor de ontvangst en verzorging van artiesten en neem leveringen in ontvangst. Ik zit ook in de organisatie van Koningsdag. We maken goede afspraken. Een deel van de opbrengst van de bar gaat naar de organisatie."
In De Bourgondiër zijn veel feesten en partijen. „De reserveringen komen van buiten, maar er zijn ook veel inwoners van Nieuwerbrug die hier hun feesten vieren. Iedere eerste vrijdagavond van de maand houd ik het open voor het dorp. Dan zijn er gemiddeld zo'n tachtig bezoekers."
Verbindende factor
Die avond vervult De Bourgondiër de belangrijke verbindende factor. „Het is eigenlijk nog de enige plek waar de inwoners elkaar spontaan kunnen ontmoeten. Er is geen kroeg of res-
taurant meer en de supermarkt is sinds kort ook gesloten."
Uiteraard gebruiken de verenigingen en maatschappelijke organisaties het gebouw nog. Dat zijn op dit moment het Huis van Alles, de EHBO-vereniging, de damvereniging, de toneelvereniging, de gymclub en de pluimveevereniging.
Olsthoorn stelt wel vraagtekens bij het grote belang dat de Nieuwerbruggers aan het gebouw toekennen. „Het gebruik door de verenigingen neemt af. Die van het linedancen en koersbal en de christelijke jeugdclub zijn al gestopt. Net als overal wordt het steeds lastiger om vrijwilligers te vinden. Het Wierickehuis is niet voor alle inwoners even belangrijk. Als iemand hier voor een familiefeestje komt, hoor ik weleens dat ze voor het eerst binnen zijn."
Aan Olsthoorn zal het niet liggen. „Die ene avond in de maand hoor ik van bezoekers regelmatig dat ik vaker gewoon als kroeg open moet zijn. Ik weet niet of dat echt nodig is. Eigenlijk is het gebouw een maatje te groot voor Nieuwerbrug. Van twee zalen kan één grote zaal worden gemaakt. Ik doe mijn best er een of twee keer per jaar een feest te organiseren. Met elkaar proberen we er ieder jaar weer iets moois en levendigs van te maken hier in Nieuwerbrug."
Nieuwerbrug aan den Rijn
In het Groene hart zijn tal van markante buurten. Bert van den Hoogen duikt telkens enkele weken in een van deze buurten op zoek naar bewoners die kunnen vertellen wat er bijzonder is. Van historie tot nu, van schoonheid tot problematiek en van markante personen tot de levendige activiteiten.
Nieuwerbrug aan den Rijn
Aantal inwoners: 1955 (2025)
Gemeente: Bodegraven-Reeuwijk
Tarief tolbrug: 80 cent
Tolvignet voor inwoners: €7,50 per jaar
Bouw Onafhankelijkheidstoren: 1914
Aantal Rijksmonumenten: 6
Bron: AD Woerden 3 februari 2026
